Home » Algemeen » Economisch » Nederlandse industrie boekt sterkste productieherstel in vier jaar
Door: Redactie - 15 juni 2026 |
De Nederlandse industrie heeft in april een opvallend productieherstel gerealiseerd. De kalendergecorrigeerde productie lag 4,7 procent hoger dan een jaar eerder, blijkt uit nieuwe CBS-cijfers. Het is de sterkste groei sinds begin 2022, toen de industrie nog profiteerde van inhaaleffecten na de coronacrisis. Het productieherstel komt na een langdurige periode van krimp die medio 2023 begon.
In drie van de vijf onderliggende branches groeide de productie in april. De machinebouw was veruit de grootste groeier met een stijging van 21,6 procent ten opzichte van april 2025. Dit uitzonderlijke groeicijfer wijst op een sterke internationale vraag naar Nederlandse machines en apparatuur. Ook de transportmiddelenindustrie droeg bij aan het productieherstel, al was de groei daar met 0,3 procent bescheiden. De voedingsmiddelenindustrie bleef nagenoeg gelijk aan het niveau van een jaar eerder.
Ongeveer 60 procent van alle bedrijfsklassen in de industrie produceerde meer dan in dezelfde maand vorig jaar. Dat wijst op een breed gedragen herstelbeweging die verder reikt dan alleen de machine-industrie. Voor productieleiders en inkoopmanagers is dat een belangrijk signaal: de orderboeken vullen zich weer bij een meerderheid van de industriele bedrijven.
Niet alle sectoren deelden in het productieherstel. De chemische industrie noteerde met min 4,1 procent de grootste terugval onder de acht grootste branches. Hoge energiekosten en zwakke vraag vanuit de bouwsector drukken al langere tijd op de chemische output. Ook de reparatie en installatie van machines (min 3,4 procent), metaalproducten (min 1,9 procent) en de elektrische en elektronische apparatenindustrie (min 1,7 procent) bleven in het rood. Rubber en kunststof kromp met 1,3 procent.
Het verschil tussen de sterkst groeiende en de meest krimpende branche bedraagt daarmee ruim 25 procentpunt. Die tweedeling maakt duidelijk dat het productieherstel selectief is en niet alle hoeken van de industrie bereikt.
De voor seizoen- en kalendereffecten gecorrigeerde productie steeg in april met 1,4 procent ten opzichte van maart. De economische indicator schommelt doorgaans flink: dalingen en stijgingen volgen elkaar snel op. Na een dieptepunt in mei 2020 volgde een stijgende lijn tot mei 2022, waarna de trend omsloeg en de industrie bijna twee jaar in een neerwaartse spiraal terechtkwam.
De afgelopen maanden stijgt de productie weer, maar het CBS acht het te vroeg om te bepalen hoe strucktureel die beweging is. Seizoeneffecten, verschuivingen in werkdagen en incidentele grote orders kunnen het beeld vertekenen. De maand-op-maandgroei van 1,4 procent past wel in een patroon van geleidelijk productieherstel dat zich sinds eind 2025 aftekent.
Ondanks het sterke productieherstel in april zijn er kanttekeningen. Het producentenvertrouwen verslechterde in mei ten opzichte van april. Fabrikanten gaven aan negatiever te zijn over hun orderportefeuille en de verwachte bedrijvigheid. Of de groei van april zich doorzet in de komende maanden hangt mede af van de internationale handelsspanningen en de vraag uit belangrijke afzetmarkten als Duitsland en België.
De productie-index van het CBS geldt als een van de belangrijkste conjunctuurindicatoren voor de Nederlandse economie. Het huidige productieherstel is bemoedigend, maar de combinatie van dalend vertrouwen en aanhoudende zwakte in de chemiesector maant tot voorzichtigheid bij het trekken van conclusies over een duurzaam herstel.
Dit artikel delen op je eigen website? Geen probleem, dat mag. Meer informatie.