AVEVA en IMD onthullen kloof tussen ambitie en uitvoering bij digitale ecosystemen

Driekwart van de industriële leiders beschouwt digitale ecosystemen als topprioriteit, maar slechts 27 procent deelt daadwerkelijk substantieel data met partners. Dat blijkt uit het eerste Industrial Intelligence Report van softwarebedrijf AVEVA en de Zwitserse IMD Business School, dat werd gepresenteerd tijdens AVEVA World 2026 in Milaan. Het rapport legt een opvallende kloof bloot tussen digitale ambities en de praktische realisatie daarvan.

Onderzoek onder 275 leiders uit twaalf sectoren

Het Industrial Intelligence Report is gebaseerd op een grootschalig onderzoek onder meer dan 275 senior leiders uit twaalf verschillende industrieën wereldwijd. Naast kwantitatieve analyses voerden de onderzoekers negentien diepte-interviews met experts uit de praktijk. Het resultaat is een gedetailleerd beeld van hoe organisaties proberen waarde te creëren, te leveren en vast te houden via wat het rapport een digitaal ecosysteem noemt: een netwerk van onderling verbonden bedrijven, technologieën en datastromen die samen meer opleveren dan de som der delen.

De onderzoekers kozen bewust voor een brede aanpak. De twaalf onderzochte sectoren variëren van de chemische industrie en energiesector tot de farmaceutische industrie en logistiek. Die breedte maakt het mogelijk om patronen te herkennen die niet sectorspecifiek zijn, maar wijzen op structurele uitdagingen die de hele maakindustrie en procesindustrie raken. Het gaat niet om geïsoleerde technologische problemen, maar om organisatorische en culturele vraagstukken die pas zichtbaar worden wanneer je over de grenzen van individuele bedrijven heen kijkt.

AVEVA, met hoofdkantoor in het Britse Cambridge, levert industriële software aan meer dan negentig procent van de toonaangevende industriële bedrijven wereldwijd. Het bedrijf telt zesduizend medewerkers en vijfduizend partners. IMD Business School, al tachtig jaar actief in leiderschapsontwikkeling, traint jaarlijks twintigduizend executives uit meer dan honderdtwintig landen. Die combinatie van industriële software-expertise en academische onderbouwing geeft het rapport een stevige basis.

Het digitaal ecosysteem als strategische prioriteit

De cijfers uit het rapport spreken boekdelen. Maar liefst 74 procent van de ondervraagde leiders geeft aan dat het opbouwen van een digitaal ecosysteem tot hun strategische topprioriteiten behoort. Ze zien daarin de sleutel tot snellere innovatie, betere beheersing van supply chain-schommelingen en het verduurzamen van complexe mondiale operaties. Tegelijkertijd blijkt dat slechts 27 procent van die leiders ook werkelijk substantieel of uitgebreid data deelt met ecosysteempartners. Die kloof tussen woord en daad is volgens de onderzoekers het centrale probleem.

Caspar Herzberg, CEO van AVEVA, formuleert het als volgt: de ambitie reikt verder dan alleen het begrijpen van motivaties. Het gaat om het definiëren van frameworks en competenties die adaptieve, door ecosystemen aangedreven digitalisering mogelijk maken. Dat vraagt om een fundamenteel andere benadering van samenwerking tussen bedrijven. Niet langer denken in bilaterale leveranciersrelaties, maar in netwerken waarin data vrij stroomt en partners gezamenlijk waarde creëren.

Het rapport wijst erop dat veel organisaties nog vasthouden aan traditionele samenwerkingsmodellen. Contracten worden per leverancier afgesloten, data blijft binnen de muren van het eigen bedrijf en kennisdeling beperkt zich tot formele overlegmomenten. In een digitaal ecosysteem moet dat fundamenteel anders. Daar gaat het om continu delen van operationele inzichten, gezamenlijke analyse van procesdata en gedeelde verantwoordelijkheid voor resultaten.

Governance weegt zwaarder dan algoritmes

Een van de meest opvallende bevindingen uit het rapport is dat datacoördinatie, structurele helderheid en actief bestuur momenteel belangrijker zijn dan de ontwikkeling van geavanceerde algoritmes. Professor Mike Wade van IMD, directeur van het Global Center for Digital and AI Transformation, stelt dat governance, integratie en leervermogen op dit moment meer waarde opleveren dan welk algoritme dan ook. Pas wanneer organisaties hun operationele technologie op orde hebben, kunnen data en AI samenwerkingsverbanden omzetten in realtime systemen die daadwerkelijk verschil maken.

Die conclusie raakt aan een breder debat binnen de industrie. Veel bedrijven investeren fors in artificial intelligence en machine learning, maar vergeten dat de fundamenten, betrouwbare data, heldere verantwoordelijkheden en werkbare afspraken tussen partners, nog niet op orde zijn. Het rapport van AVEVA en IMD suggereert dat de volgorde ertoe doet: eerst de basis, dan de technologie.

Wade stelt in zijn analyse dat het opbouwen van een effectief digitaal ecosysteem een iteratief proces is. Organisaties die te snel opschalen zonder eerst hun bestuursstructuur te verankeren, lopen het risico om te verzanden in complexiteit. Hij pleit voor een gefaseerde aanpak waarbij elke stap meetbare waarde oplevert voordat de volgende wordt gezet.

Praktijkvoorbeelden uit Rotterdam en Kwinana

Het onderzoek onderbouwt de theorie met concrete praktijkvoorbeelden. De Haven van Rotterdam, een van de grootste havens ter wereld, gebruikt een digitaal ecosysteem om logistieke stromen te optimaliseren en emissies terug te dringen. Sensoren, datafeedss en gedeelde dashboards geven alle betrokken partijen inzicht in real-time scheepsbewegingen, kraanactiviteiten en energieverbruik. Het resultaat is een haven die sneller, schoner en voorspelbaarder opereert dan traditionele havenmodellen mogelijk maken.

In het Australische Kwinana, een industrieel cluster nabij Perth, hebben bedrijven gezamenlijk een platform ontwikkeld dat inputs, outputs, afval en uitstoot visualiseert. Dat stelt de aangesloten organisaties in staat om circulaire modellen toe te passen die individueel onhaalbaar zouden zijn. Wat de ene fabriek als afvalproduct beschouwt, kan voor een buurman grondstof zijn. Alleen door data te delen wordt dat zichtbaar en uitvoerbaar.

Beide voorbeelden laten zien dat een digitaal ecosysteem pas werkt wanneer deelnemers bereid zijn om data te delen en gezamelijke doelen boven individuele belangen te stellen. De technologie is daarbij een noodzakelijke voorwaarde, maar geen voldoende. Zonder vertrouwen tussen partners en zonder heldere spelregels blijft het bij losse initiatieven die de belofte niet waarmaken.

Wat industriële intelligentie precies inhoudt

Het rapport introduceert het begrip ‘industriële intelligentie’ als een organisatievermogen dat industry 4.0 naar een volgend niveau tilt. Het gaat om de integratie van operationele technologie (OT), informatietechnologie (IT) en kunstmatige intelligentie (AI) tot één samenhangend systeem. Dat systeem moet verbonden, datagedreven besluitvorming mogelijk maken, niet alleen binnen de eigen organisatie maar dwars door het hele industriële digitaal ecosysteem heen.

AVEVA positioneert zijn eigen CONNECT-platform als de technologische ruggengraat voor die visie. Het platform moet bedrijven in staat stellen om data uit verschillende bronnen samen te brengen, te analyseren en om te zetten in operationele verbeteringen. Met 5.700 gecertificeerde ontwikkelaars en een wereldwijd partnernetwerk richt het bedrijf zich nadrukkelijk op de complexe integratievraagstukken die het rapport als voornaamste barrière identificeert. De belofte is dat industriële intelligentie niet alleen processen optimaliseert, maar ook nieuwe vormen van samenwerking ontsluit die zonder gedeelde data onmogelijk zouden zijn.

Barrières op de weg naar een digitaal ecosysteem

Het rapport is overigens niet louter optimistisch. De onderzoekers benoemen expliciet de obstakels die bedrijven tegenkomen bij het opbouwen van een digitaal ecosysteem. Legacy-systemen vormen een hardnekkig probleem: veel industriële organisaties draaien op verouderde technologie die niet ontworpen is voor het delen van data met externe partners. Integratiecomplexiteit is een tweede struikelblok, zeker wanneer bedrijven uit verschillende sectoren met uiteenlopende standaarden en protocollen moeten samenwerken.

Daarnaast speelt zwakke governance een rol. Zonder duidelijke afspraken over dataeigendom, privacy en verantwoordelijkheid aarzelen bedrijven om gevoelige operationele informatie te delen. Het rapport stelt dat juist deze zachte factoren, vertrouwen, afspraken en bestuurlijke structuren, doorslaggevend zijn voor het succes van een digitaal ecosysteem. Technologie alleen lost dat niet op.

De onderzoekers wijzen er ook op dat bedrijfscultuur een onderschatte barrière vormt. In veel organisaties wordt data nog gezien als een bron van concurrentievoordeel die je niet deelt. Die mentaliteit staat haaks op het principe van een digitaal ecosysteem, waar juist het delen van data de collectieve waarde vergroot. Het doorbreken van die cultuur vraagt om leiderschap dat verder kijkt dan kwartaalcijfers en durft te investeren in langetermijnrelaties met ecosysteempartners.

Relevantie voor Nederlandse industrie

Voor de Nederlandse industrie zijn de bevindingen bijzonder relevant. Nederland beschikt over een sterk netwerk van industriële clusters, van de Rotterdamse haven tot de chemische industrie in Limburg en de hightech maakindustrie rond Eindhoven. De bereidheid tot samenwerking is er van oudsher, maar de stap naar het daadwerkelijk delen van operationele data in een gestructureerd digitaal ecosysteem blijft voor veel bedrijven groot.

Nederlandse bedrijven kunnen lering trekken uit de bevindingen van het rapport. De nadruk op governance als voorwaarde voor succes sluit aan bij de Nederlandse traditie van overleg en consensus. Tegelijkertijd waarschuwt het rapport voor de valkuil van eindeloos praten zonder tot actie over te gaan. De 27 procent die daadwerkelijk data deelt, laat zien dat zelfs in landen met een sterke samenwerkingscultuur de praktijk weerbarstig is.

Het rapport van AVEVA en IMD biedt daarbij een nuttig referentiekader. De boodschap is helder: begin met governance en datacoördinatie, investeer in vertrouwen tussen partners en bouw pas daarna de technologische laag uit. Wie die volgorde omdraait, riskeert dure implementaties die niet opleveren wat ze beloven. Voor productieleiders en technisch directeuren die worstelen met de vraag hoe ze hun organisatie klaarstomen voor een toekomst waarin ketensamenwerking de norm wordt, biedt het rapport concrete handvatten. Het volledige Industrial Intelligence Report is beschikbaar via AVEVA.

Dit artikel delen op je eigen website? Geen probleem, dat mag. Meer informatie.


Avatar foto

Erik de Jong (Advercom)

Erik bevindt zich al ruim 18 jaar in de uitgeefwereld. Hij studeerde HEAO Bedrijfseconomie en was betrokken bij het industriële automatiseringsvakblad Automatie|PMA en het vakblad Vision+Robotics. In 2020 richtte hij samen met Yuk Chi Kan het online nieuwsplatform IndustrieVandaag op. Momenteel is Erik uitgever bij Industrievandaag.nl, waar hij zijn uitgebreide kennis van online uitgeven, SEO, GEO en AI inzet. Zijn bedrijfseconomische achtergrond en jarenlange betrokkenheid bij industriële automatisering maken hem een inhoudelijk onderbouwde bron binnen het vakgebied van industriële technologie en digitale publicatie.
Lees meer van: Erik de Jong (Advercom)

Dossier - Uitgelicht

Digitale Nieuwsbrief

SCHRIJF JE IN VOOR ONZE WEKELIJKSE NIEUWSBRIEVEN EN BLIJF OP DE HOOGTE VAN ALLE INDUSTRIËLE EN TECHNISCHE ONTWIKKELINGEN!

MAANDAG: EVENTS OVERZICHT
VRIJDAG: NIEUWS OVERZICHT

Door jouw inschrijving voor de nieuwsbrief, ga je akkoord met onze privacy voorwaarden.