Home » Productie Industrie » Productie Automatisering » Robots » Robotmarkt doorbreekt grens van 5 miljoen fabrieksrobots
Door: Redactie - 24 september 2026 |
De wereldwijde robotmarkt bereikte in 2025 een nieuwe mijlpaal. Fabrieken zetten wereldwijd meer dan 5 miljoen industriële robots in, blijkt uit het jaarlijkse World Robotics-rapport van de International Federation of Robotics. Het aantal nieuwe installaties steeg met 11 procent naar ruim 600.000 stuks. Azië loopt voorop, gevolgd door Amerika, terwijl Europa achterblijft bij de wereldwijde groeicurve.
China versterkt zijn positie als wereldleider op de robotmarkt. De jaarlijkse installaties stegen met 20 procent en vertegenwoordigen inmiddels 59 procent van alle wereldwijde plaatsingen. Fabrieken in het land namen vorig jaar 354.000 nieuwe robots in gebruik, bijna 60.000 meer dan het vorige record. Chinese producenten van fabrieksrobots verkopen inmiddels ook meer dan buitenlandse aanbieders binnen hun eigen markt: hun installaties groeiden met 15 procent naar 195.000 eenheden, een binnenlands marktaandeel van 55 procent tegenover 57 procent een jaar eerder.
Japan blijft de tweede robotmarkt van Azië, met 36.219 nieuwe installaties, een daling van 19 procent. Wereldwijd zakte het land van de tweede naar de derde plek, achter de Verenigde Staten. Zuid-Korea installeerde 30.000 robots, een procent minder dan het jaar ervoor, en blijft daarmee de vierde markt ter wereld. India groeide met 15 procent naar bijna 10.500 nieuwe robots en klimt naar de zesde plaats wereldwijd, met een gemiddelde jaarlijkse groei van 27 procent sinds 2020.
De Verenigde Staten zijn in 2025 de tweede robotmarkt ter wereld geworden, na China en voor Japan. Installaties stegen met 12 procent naar bijna 38.500 eenheden, het op twee na hoogste aantal ooit gemeten in dit land. In Mexico daalden de installaties met 7 procent tot minder dan 5.200 stuks, het derde jaar op rij met een terugval. Canada groeide juist met 5 procent naar bijna 4.000 nieuwe robots, met een gemiddelde jaarlijkse groei van 9 procent sinds 2020. In Brazilië stegen de installaties met 38 procent naar bijna 4.300 stuks, vooral dankzij de auto-industrie, welke 2.100 robots aanschafte, een stijging van 212 procent. Investeringen van Chinese autofabrikanten in Brazilië liggen daar vermoedelijk aan ten grondslag.
Duitsland blijft veruit de grootste robotmarkt van Europa, met 41 procent van alle installaties in de Europese Unie. Toch daalde de afzet met 8 procent naar minder dan 25.000 eenheden. De auto-industrie is er nog altijd de grootste afnemer, al neemt dat aandeel geleidelijk af. In Italië, de tweede markt van Europa, daalden de installaties met 11 procent naar ongeveer 7.800 stuks. Frankrijk staat weer op de derde plek met bijna 4.500 eenheden, een daling van 8 procent, net voor Spanje met ongeveer 4.300 stuks en een min van 15 procent.
De verwachting is dat de robotmarkt de komende jaren blijft groeien. Voor 2026 wordt een stijging van 9 procent voorzien naar 655.000 nieuwe installaties, oplopend tot 806.000 stuks in 2029. Ondanks grote regionale verschillen, met groeimarkten als China, de Verenigde Staten en India, blijft het wereldwijde beeld positief. De roep om veerkrachtigere toeleveringsketens en veranderend handelsbeleid in meerdere grote economieën zorgt voor meer verplaatsing van productiecapaciteit. Fabrieken bouwen in landen met hoge lonen of krappe arbeidsmarkten, en dat versterkt de vraag naar automatiseringstechnologie. Vooruitgang in kunstmatige intelligentie, machine vision en sensortechniek maakt robotica bovendien steeds veelzijdiger, terwijl eenvoudigere programmering en systeemintegratie de instapkosten verlagen.
Voor Nederland is het beeld minder rooskleurig. Onderzoeksinstituut TNO waarschuwt dat de Nederlandse maakindustrie binnen tien jaar in de problemen komt zonder stevige investeringen in industriële automatisering. Nederland heeft een robotdichtheid van 264 robots per 10.000 werknemers in de industrie en staat daarmee wereldwijd op de twaalfde plaats, ver achter koplopers als Zuid-Korea, China en Duitsland, die allemaal boven de 400 robots per 10.000 werknemers uitkomen. Ook de Nederlandse robotmarkt blijft daardoor klein vergeleken met die koplopers. Volgens TNO moet de productiviteit in de maakindustrie de komende jaren met minstens 50 procent stijgen om de concurrentiepositie te behouden. Zonder een inhaalslag dreigen op termijn arbeidstekorten, hogere kosten en uiteindelijk fabriekssluitingen. TNO pleit daarom voor kennisdeling, standaardisatie en gerichte scholing, met extra ondersteuning voor het mkb via subsidies en flexibele financiering.
Dit artikel delen op je eigen website? Geen probleem, dat mag. Meer informatie.