ATEX

Engineers ATEX
Illustratie: Corepics VOF / Shutterstock.com

ATEX – explosieveligheid in de procesindustrie

ATEX is een afkorting van de oorspronkelijk Franse term ATmosphère EXplosive, welke wordt gebruikt voor twee Europese richtlijnen op het gebied van explosiegevaar onder atmosferische omstandigheden.

De verbinding tussen het beeldscherm in de controlekamer en het veld bestaat meestal uit een ingewikkelde structuur van kabels, junction boxen, schakelaars en verdeelkasten. Hiermee meet en regelt u het proces, stuurt u machines aan of uit, en regelt u de stand van kleppen. U staat er waarschijnlijk niet altijd bij stil, maar al die meet en regelapparatuur kan zich in een zone bevinden die geclassificeerd is als Ex of explosiegevaarlijk.

Lees hier het laatste nieuws over ATEX – explosieveligheid

Explosieveiligheid zou een vanzelfsprekendheid moeten zijn. Immers, in een fractie van een seconde kan uw wereld, en wellicht die van vele anderen, er heel anders uitzien. Niets is zo verwoestend als een gasof stofwolk die ongecontroleerd tot ontbranding komt. Ontploffingen kunnen zich overal voordoen, ook daar waar geen ‘open’ vuur is. Vonken, hete oppervlakken, statische elektriciteit en handgereedschap hebben al veel te vaak als ontstekingsbron gediend. Maar ook chemische reacties kunnen lijden tot een enorme verwoesting en veel leed.

Samengevat zijn de hoofdoorzaken van explosies: elektrische, chemische of ‘mechanische’ ontsteking, maar vooral menselijk handelen. De Europese ATEX richtlijnen (wat staat voor ATmosphère EXplosive) geven een bindende wettelijke richtlijn ter bescherming en voorkoming van ongelukken en rampen.

Intrinsieke veiligheid

Al vaker is de noodzaak voor intrinsieke veiligheid op de industriële werkplek aangekaart. Intrinsieke veiligheid door ‘Safety by Design’ of ‘Prevention by Design’. Als dit ergens geldt, dan is het wel voor explosieveilige apparatuur. Hieraan moet in feite veilig handelen (Safety by Conduct) worden toegevoegd. Dat hiervoor regelgeving nodig is, moge duidelijk zijn.

Reeds in 1975 heeft de Europese raad een kaderrichtlijn goedgekeurd betreffende elektrisch materieel, bestemd voor gebruik in bovengrondse explosieve omgevingen (76/11/EG).

In 1996 is de richtlijn 94/9/EG door het Europese parlement aangenomen en bekend geworden onder de naam ATEX 95. Deze directive is een geharmoniseerde richtlijn die, na een gedoogperiode, sinds 1 juli 2003 alle andere Europese en nationale regelgeving op het gebied van explosieveilige apparatuur vervangt. De ATEX 95 is een richtlijn voor ontwerp en productie van apparatuur en is in de eerste plaats van belang voor fabrikanten en leveranciers, maar uiteraard ook voor eindgebruikers.

De richtlijn 99/92/EG, beter bekend als ATEX 137, is volledig van kracht sinds juli 2006. Deze directive is gericht op het verbeteren van de veiligheid op de werkplek, op de werkomstandigheden en gezondheid van werknemers die werken in bedrijven waar explosiegevaar kan heersen. De ATEX 137 is opgenomen in de Arbowet en dus bepaald niet vrijblijvend!

Problematiek en uitdagingen

Of het nu gaat om een apparaat of de omstandigheden op de werkplek, in alle gevallen geldt dat de werkgever wettelijk gezien de nodige maatregelen moet nemen om de gezondheid en veiligheid van werknemers en omwonenden bij het ontstaan van een explosieve atmosfeer te waarborgen. Kortom, werkgevers moeten al het mogelijke doen om (ontsteking van) een explosieve atmosfeer te voorkomen. Zowel de ATEX 95 als de 137, zijn hier op gericht. De meest voor de hand liggende oplossing is in de eerste plaats de juiste apparatuur aan te schaffen voor die zones binnen uw bedrijf (zone 0, zone 1, zone 2 of zone 20, zone 21, zone 22) waar onverhoopt een explosief mengsel kan voorkomen. Uw leverancier van explosieveilige apparatuur, is ongetwijfeld bereid u te helpen met de juiste keuze. Let bij die keuze op zonering, temperatuurklasse, beschermingsgraad, Ex-kenmerk, omgevingstemperatuur, CE markering, EG typecertificaat, type gas of stofgroep et cetera.

Alle gegevens moet u ook terug kunnen vinden op het typeplaatje van het apparaat of de box en natuurlijk op het bij de apparatuur geleverde ATEX 95 en EG typecertificaat. Bij twijfel is een ATEX certificaat aan de hand van zijn unieke nummer vaak eenvoudig terug te vinden op internet. In de tweede plaats is bij de keuze en het beheer van apparatuur de ATEX 137 van groot belang. Een van de verplichtingen opgenomen in de ATEX 137 is dat betrokken bedrijven een ExplosieVeiligheidsDocument (EVD) moeten opstellen waarin opgenomen identificatie en beoordeling van explosierisico’s. Ook de te nemen maatregelen moeten duidelijk zijn en variëren van een lijst met brandbare stoffen tot de verplichting om deskundig personeel in te zetten c.q. het personeel op te (laten) leiden tot een deskundigheidsniveau gerelateerd aan de functie.

Principes en technieken

ATEX behoud stopt niet bij veiligheid door ‘Safety by Design’ of ‘Prevention by Design’ aangevuld met ‘Safety by Conduct’. Het gaat om de volledige naleving van de regelgeving van zowel de ATEX 95 als de ATEX 137. Dat betekent bijvoorbeeld dat u een apparaat met een ATEX certificaat niet zomaar mag wijzigen. Van belang is het opvolgen en naleven van de speciale voorwaarden die zijn vermeld op dit certificaat.

Een gat boren in een Exd junction box om een kabelwartel toe te voegen, kan al voldoende zijn om de certificering van het boxje volgens ‘95’ teniet te doen. Een Exd junction box van een laag verf voorzien, liefst na de box grondig te hebben gereinigd middels staalstralen, maakt het ding in principe waardeloos en gevaarlijk. Immers, de vlamdovende en sluitende oppervlakken zijn aangetast of afgesloten. Ook het invetten van bouten en sluitende vlakken, ter voorkoming van corrosie, komt nogal eens voor. Enerzijds begrijpelijk, maar bij gebruik van verkeerd vet, onbedoeld funest voor de ATEX functionaliteit.

ATEX certificaten geven aanwijzingen en beperkingen. Het kan gaan over het gebruik van explosieveilige kabelwartels, maximum voltage, maximum aantal rangeerklemmen, omgevingstemperatuur en maximale temperatuur van het geheel. Een barrier, een weerstandje (of ander warmte uitstralend passief of actief element) plaatsen in een box die daarvoor niet is gecertificeerd, is vragen om moeilijkheden. Denk hier dus niet te licht over, want voordat u het beseft, overschrijdt u de regels die worden gegeven in het ATEX certificaat.

De ATEX certificaten waarbij achter het certificaatnummer een ‘X’ is vermeld, verdienen extra aandacht. Hier zijn beperkende situaties van toepassing en omschrijft het certificaat in detail middels ‘nadere aanwijzingen’ hoe te installeren, waarop te letten en hoe te gebruiken. ATEX certificaten met een ‘U’ achter het nummer hebben alleen betrekking op afzonderlijke (deel)componenten en zeggen dus niets

of weinig over de functionaliteit of ATEX eigenschappen wanneer het een en ander wordt samengevoegd tot een functioneel geheel. ATEX certificaten met een ‘C’ (van constructie) achter het nummer hebben betrekking op een samenbouwsel van in principe afzonderlijk gecertificeerde onderdelen, zoals een pompunit. Hierbij is de elektromotor samengebouwd met de mechanische pomp. Beide hebben afzonderlijke certificaten, maar het geheel heeft meestal een ATEX ‘C’ certificaat. Ongetwijfeld met speciale aanwijzingen en beperkingen voor gebruik.

Lees hier het laatste nieuws over ATEX – explosieveligheid

Hieruit blijkt dat ATEX niet alleen geldt voor elektrische of elektronische apparatuur, maar zeker ook voor mechanische. Denk hierbij onder andere aan warmtebronnen zoals een uitlaat van een benzine of dieselmotor en de vrijkomende hete uitlaatgassen, of de opwarming door wrijving van een pompplunjer, wrijving van de stem van een regelklep, maar ook statische elektriciteit door inductie, thermische oplading zoals bij stofdeeltjes, faseverandering door condensatie of kristallisatie, vloeistofverneveling onder hoge druk en ladingoverdracht bij ventilatoren. Ook al deze mechanische apparatuur, wanneer toegepast in een Ex geclassificeerde zone, moet voorzien zijn van een ATEX certificaat en overeenstemmend identificatieplaatje op het apparaat.

De certificering van apparatuur en materialen volgens ATEX 95, is niet de enige zorg. Voor de gebruiker betreft het vooral de naleving van de relevante regels zoals hiervoor omschreven. Dit hangt nauw samen met ‘knowhow’ en competentie. Iemand laten werken in een potentieel explosieve atmosfeer zonder de juiste voorlichting, beschermingsmiddelen of opleiding, is volgens de ‘137’ niet toegestaan en in geval van calamiteiten zelfs strafbaar. In dit verband is ook de organisatie van de werkzaamheden belangrijk. Als van elkaar onafhankelijke personen of ploegen bij elkaar in de buurt aan het werk zijn, kunnen deze elkaar onverwachts in gevaar brengen. In zo’n geval geldt een coördinatieplicht. Afstemming van werkzaamheden en een sluitend werkvergunningenstelsel zal hier soelaas bieden.

‘Safety by Conduct’, anders gezegd zorgvuldig menselijk handelen en competentie van personeel, verdient constante aandacht. Een van de verplichtingen van ATEX 137 is het opstellen en onderhouden van een document, het voornoemde EVD, waarin alle informatie over de brandbare stoffen binnen het bedrijf, de genomen maatregelen en werkwijzen schriftelijk is vastgelegd. Het EVD mag onderdeel zijn van het Risico-Inventarisatie en Evaluatieplan (RI&E).

De in 2009 uitgebrachte norm IEC Ex 05 ‘Certification of Personnel Competencies (CoPC)’ geeft internationale richtlijnen waar het gaat om vereiste competentie van personeel werkzaam in potentieel explosiegevaarlijke gebieden en personen verantwoordelijk voor de werkzaamheden, veiligheid en de controle daarop. De aan de IEC Ex 05 verbonden IEC Ex OD 504 ‘Specification for job related units of Competence Assessment’, geeft een differentiatie in opleiding voor een tiental verschillende competenties. Van een eenvoudige introductie van de ‘ATEX’ basisprincipes tot onderhoud en installatie, overhalen, inspectie, engineering et cetera.

Na een opleiding van een aantal dagen of dagdelen, afgesloten met een examen, zal een Notified Body (NoBo), die hiertoe geaccrediteerd is door de IEC, beoordelen of het kennisniveau van de aanvrager voldoende is voor het afgeven van een IEC Ex 05 ‘wallet certificate’. Dit Internationaal erkende ‘Certificate of Competence’ is geldig voor de duur van maximaal drie jaar, waarna opnieuw bekeken wordt of dit certificaat verlengd kan worden. Al met al een goede ontwikkeling die een stuk onzekerheid over ‘veronderstelde’ bekwaamheden kan wegnemen.

Personeelswisselingen zijn vaak niet te voorkomen. Ook hier brengt dit Ex-personencertificatie en standaardisatieprogramma de oplossing, omdat eenduidig wordt vastgelegd wat precies de competenties zijn die gecombineerd met de relevante werkervaring.

Ervaringen en merkwaardigheden

Na een goede start met de juiste apparatuur, de juiste maatregelen, voldoende competentie en knowhow, kan door ‘routine’ of verkeerd handelen wellicht een situatie ontstaan die niet meer voldoet aan de ATEX 95 of 137 richtlijnen, en dus potentieel gevaarlijk is. Hier kan het verhelderend werken wanneer u uw installatie van tijd tot tijd laat beoordelen op de juiste toepassing en vooral naleving van de ATEX ‘95’ en ‘137’ door specialisten van een daartoe geaccrediteerd certificatie bureau (NoBo). Bij zo’n door uzelf afgeroepen activiteit heeft u wellicht in eerste instantie het gevoel dat u zich een hoop ellende op de hals heeft gehaald en opnieuw een soort examen moet afleggen. Het aantal certificaten, documenten, tekeningen, handleidingen en procedures dat boven water moet worden gehaald uit de spelonken van uw archief, kan voor enige consternatie zorgen. Ook een rondgang door de installatie, waarbij u door de NoBo wordt ondervraagd en gewezen op (wellicht) afwijkende en potentieel gevaarlijke ‘ATEX’ situaties kan een ongemakkelijk gevoel teweegbrengen. Wanneer u echter aan het eind van de dag uw voeten op het bureau legt en het een en ander de revue laat passeren, kan het haast niet anders zijn dan dat u inziet dat perfectie op ATEX gebied constante aandacht vereist.

Lees hier het laatste nieuws over ATEX – explosieveligheid

Trends en ontwikkelingen

De noodzaak om explosieveiligheid voortdurend aandacht te geven, wordt maar al te vaak duidelijk. Hoewel er geen officiële meldingsplicht is (althans voor ‘kleine’ gebeurtenissen), zijn er alleen al in Nederland vele honderden incidenten in de industriële sfeer per jaar. Daarbij komen nog de explosies die plaatsvinden in en rondom het huis. Regelmatig vallen hierbij helaas ook slachtoffers.

Uiteraard zal in de eerste plaats voorkomen moeten worden dat er überhaupt een explosief mengsel kan ontstaan. In de tweede plaats moet in Ex geclassificeerde zones geschikte apparatuur worden gebruikt, en in de derde plaats zal alleen deskundig personeel zich bezig mogen houden met de werkzaamheden in de desbetreffende zone.

De moderne apparatuur voor een vaste opstelling is over het algemeen (mits deskundig geselecteerd, geïnstalleerd en onderhouden) van een dusdanige functionele kwaliteit dat daar geen grote ontwikkelingen zijn te verwachten. Uit statistieken en eigen waarneming blijkt dat het grootste ‘explosierisico’ helaas wordt gevormd door ondeskundig handelen van medewerkers. Mede onder druk van de ATEX 137 en de Arbowet zien we een duidelijke trend naar beter opleiden en begeleiden. Een ontwikkeling die zeker is toe te juichen.

Lees ook:

close

Digitale Nieuwsbrief

SCHRIJF JE IN VOOR ONZE WEKELIJKSE NIEUWSBRIEF EN BLIJF OP DE HOOGTE VAN ALLE INDUSTRIËLE EN TECHNISCHE ONTWIKKELINGEN!

Door jouw inschrijving voor de nieuwsbrief, ga je akkoord met onze privacy voorwaarden.