Home » Dossier » Energietransitie / Elektrificatie » Kabinet past beleid gasopslag aan vanaf 2028
Door: Redactie - 1 oktober 2026 |
Het kabinet past het beleid voor gasopslag ingrijpend aan, want de huidige regels dateren nog van vóór de energiecrisis en houden onvoldoende rekening met de gewijzigde gasmarkt. Vanaf 2028, wanneer ook in Europa nieuwe regels gaan gelden, moet een eerlijkere rekening voor Nederland centraal staan, samen met herstel van marktwerking voor seizoensopslagen en een grotere rol voor de overheid gericht op weerbaarheid tegen verstoringen in de gaslevering.
In het huidige Europese kader moeten lidstaten voldoen aan vuldoelen die zijn gebaseerd op hun opslagcapaciteit, niet op de werkelijke gasvraag. Nederland beschikt over relatief veel opslagcapaciteit, waardoor de opgave voor Nederlandse gasopslag jaar na jaar groter uitvalt dan voor omringende landen. Tegelijkertijd is er, door de komst van meer LNG-terminals die in de winter extra aanbod leveren, juist minder seizoensopslag nodig. Toen de markt stopte met vullen, moest de overheid vaker inspringen tegen oplopende kosten.
Om dat om te buigen zet het kabinet in Europees verband in op een eerlijkere rekening voor Nederland. Nederland wil dat de EU deze onevenredig zware vuldoelen herziet, zodat een wintervoorraad straks aansluit bij gebruik in plaats van bij capaciteit. De Europese Commissie werkt momenteel aan herziening van dat kader. Voor de energietransitie in de Nederlandse industrie is die koerswijziging relevant, want lagere kosten voor gasopslag werken uiteindelijk door in de energierekening van energie-intensieve bedrijven.
Daarnaast komt er een verplichting voor leveranciers om gasopslag aan te houden voor beschermde afnemers, zoals huishoudens en gascentrales. Zij moeten straks een deel van hun wintervraag in fysieke opslag hebben zitten, in plaats van te vertrouwen op de markt. Deze verplichte gasopslag moet voorkomen dat de sector, zoals de afgelopen jaren, achteraf tegen hoge prijzen moet bijkopen wanneer de vulgraad achterblijft.
Voor situaties waarin de gaslevering echt wordt verstoord, komt er een publieke strategische reserve. Het kabinet voegt daar jaarlijks 5 TWh aan toe, genoeg om de Nederlandse vraag ongeveer twee weken op te vangen. Die tijd is nodig voor reparaties, alternatieve aanvoer of, in het uiterste geval, het gecontroleerd afschakelen van niet-beschermde afnemers. Volgens de aankondiging van het nieuwe beleid voor gasopslag zijn op langere termijn meer instrumenten nodig en bespreekt het kabinet de omvang en financiering van zo’n publiek gefinancierde reserve met de Tweede Kamer. Voor de leveringszekerheid van gas blijft dit een belangrijk aandachtspunt, zeker nu de energiemarkt snel verandert.
Dit artikel delen op je eigen website? Geen probleem, dat mag. Meer informatie.